Verdrietige mail
"Ben je nog bij het Mentrum of niet?" vraagt de psychologe. Ik schud mijn hoofd, vertel van de brief en zeg dat ik geen antwoord heb gehad. "Ter kennisgeving aangenomen dus" zeg ik wat teleurgesteld. Maar ik kon er niet mee doorgaan. Ik had er geen goed gevoel bij, ook al leek het me een uitdaging om zo’n groepstherapie te doen. Maar ik kan gewoon niet elke week op dezelfde dag en dezelfde tijd. Dat is de consequentie van een kind hebben. En voor een paar maanden is dat nog te overzien, maar ik kan niet voorspellen hoe mijn situatie er over een jaar uitziet. Laat staan dat ik kan beloven dat ik twee jaar lang er elke week ben. Dat gaat niet, dus houdt het op, aangezien zij dat wel van me eisen. Jammer, echt jammer.
"Hoe gaat het met je?" vraagt de psychologe daarna. Ik zucht eens diep en leg uit dat het niet goed gaat. Ik vreet mezelf op en ik ga hieraan onderdoor. "Misschien beter om een tijd geen contact met mijn ouders te hebben. Dat ik wat rust krijg…" zeg ik. "Het geeft je geen rust" zegt ze. Ik zucht. Ze heeft gelijk. Ik zou mezelf nog meer opvreten omdat ik zo slecht ben. Ik vind mezelf een slechte dochter maar vind hen ook slechte ouders. Het is te makkelijk om je kind allerlei verwijten te maken en dan zelf te zeggen: "Ga er maar vanuit dat we het beste met je voor hebben". Ja daaag. Als het zo simpel was dan had ik geen psycholoog nodig.
"Bel ze gewoon op voor een afspraak. Plan een bezoekje eens in de twee maanden en dan weet iedereen waar ie aan toe is" zegt ze weer. Ik denk er lang over na. Weet dat ze gelijk heeft. Maar mijn weerstand is zo enorm groot, eigenlijk wil ik gewoon niks met ze te maken hebben. Tegelijkertijd heb ik daar veel verdriet over. En dan ontstaat er langzaam een plannetje. Tot op een avond de telefoon gaat. Mijn vader. Hij draait er omheen dus ik hou mijn mond. Kom maar op, je belt niet voor de gezelligheid. Dat heb je nog nooit gedaan. Als je belt is dat om iets af te dwingen, anders belt mijn moeder wel.
Dus zegt hij na een korte stilte dat ik beloofd had om te bellen wanneer ze konden komen in juli. Ze zijn toch op de verjaardag van mijn dochter geweest in juli? Dan hebben ze haar toch gezien? Ze heeft zelfs bij mijn vader op schoot gezeten en ik heb me ingehouden en haar niet weggetrokken bij die irritante mensen. "Dus ik dacht laat ik de koe bij de hoorns vatten…. Wij kunnen aanstaande zaterdag!" Ja dat had je gedacht. Ik kan ook aanstaande zaterdag, maar de tijd dat jij me voor het blok kon zetten is echt voorbij. Dus ik zeg dat ik niet kan. En als hij vraagt om een ander voorstel dan zeg ik dat ik met mijn vriend ga bespreken wanneer wij kunnen en dat ik het dan wel laat weten. Ik raas door het huis. Mijn ouders weten dat ik dit niet telefonisch wil. We hebben daar vorig jaar afspraken over gemaakt. Zij houden zich aan geen enkele afspraak.
Weg plannetje. Ziedend van woede bel ik mijn vriendin. "Mijn vader belde!" Ze ligt in een deuk. Kom maar op. Dus ik vertel het verhaal en ze zegt hetzelfde als de psychologe. Plan gewoon een aantal data. Als ze dat niet genoeg vinden is het jammer voor ze, maar het is dit of niks. Wat heb je te verliezen?
Die zin blijft door mijn hoofd spoken. Ze heeft gelijk. Waarom zou ik bang zijn, slechter dan nu kan het niet worden. En als er opeens een vriendelijk mailtje van mijn moeder komt neem ik een besluit. Ik kruip achter de pc en type een lange mail. Zo kan het niet verder. Zo wil ik niet verder. Het wordt een mail zonder verwijten maar waarin heel helder mijn verdriet in doorklinkt. "Ik wil niet boos zijn. Ik wil alles vergeten. Ik weet alleen niet hoe. Ik kan niet normaal met jullie omgaan al neem ik me elke keer voor om me niet op te winden. Ik doe het toch en kan die knop niet omzetten". Ik geef aan dat ik het nodig heb dat ze laten zien dat ze mij waarderen als moeder. Dat zij trots zijn dat ze opa en oma zijn, maar dat dat iets anders is dan dat ze trots zijn dat ik moeder ben. En dat ik ook de waardering mis voor mij als dochter, als persoon. Dat ze alleen willen komen om hun kleinkind te zien, maar dat ze niet ingaan op een uitnodiging om te komen naar een bijzondere kerkdienst waarin ik in het koor zing. Dat ik toch duidelijk heb aangegeven dat ik dat leuk zou vinden. Dat ik verwacht dat ze dan een andere keer waren gekomen als ze die kerstavond niet konden.
Mijn moeder wil meteen aanstaande zondag komen. Een goed teken. Maar iets te snel. Om praktische redenen is dat ook niet handig, dus doe ik een tegenvoorstel: de eerste zondag van november. Nu maar hopen dat ze echt alleen komt en niet met mijn vader want dan hoeft het voor mij niet meer. Degene die preekt ken ik goed, dus ik heb haar gemaild of ze haar preek wil aanpassen op mijn situatie, haha. Ik waardeer het echt wel dat mijn moeder dit doet. Maar het is niet genoeg om ons probleem op te lossen. Er is meer nodig alleen weet ik niet wat. Maar ik ben wel trots op mezelf dat ik deze mail heb verstuurd. Ik dacht ook dit is jullie laatste kans. Een negatieve reactie en jullie kunnen het vergeten. Dan blijven jullie een opa en oma op heel grote afstand en zien we jullie misschien twee keer per jaar als het niet anders kan. Maar ze pikken het op, de toon is anders en mijn moeder mailt terug. Met stroop vangt men meer vliegen dan met azijn. Alleen ben ik niet altijd in staat om daar rekening mee te houden. Er zullen nog heel wat verwijten over en weer gaan en of we echt dichterbij elkaar komen is afwachten. Maar niemand zal me ooit verwijten dat ik het niet heb geprobeerd. Dit was ik vooral aan mezelf verplicht.

8 November 2009 at 16:16
Desie, wat praat je weinig…
27 November 2009 at 14:10
Hee Dees,
Hoe gaat het nu?